Statuten 2014

Statuten Nederlandse Vereniging Epagneul de Saint-Usuge 2014



Artikel 1. Naam, vestigingsplaats en duur

De vereniging draagt de naam: “Nederlandse Vereniging Epagneul de Saint-Usuge”.

De naam van de vereniging wordt in publicaties ook verkort weergegeven als: “NVESU”.

Zij is gevestigd te Arnhem.

De vereniging is voor onbepaalde tijd aangegaan. Zij is opgericht op 1 september 2014 te Arnhem.


Artikel 2. Doel en middelen

1.     De vereniging heeft ten doel:

a.      de instandhouding en verbetering van het ras Epagneul de Saint-Usuge;

b.      de bevordering van de gezondheid en het welzijn van de tot dit ras behorende honden;

c.      het behoud van de specifieke jachteigenschappen van dit ras;

d.      het bevorderen van het contact tussen jagers, fokkers en andere liefhebbers van dit ras.

e.      internationale erkenning van het ras door de Federation Cynologique Internationale en daarna Nederlandse erkenning van het ras door de Vereniging Raad van Beheer op Kynologisch Gebied in Nederland, hierna te noemen “Raad van Beheer”.

2.     Zij tracht dit doel te bereiken door:

a.    het geven van voorlichting over de aankoop, het houden, fokken en opvoeden van  tot dit ras behorende honden;

b.      het houden van vergaderingen en het organiseren van lezingen en cursussen;

c.      het opstellen van plannen ter bestrijding van erfelijke gebreken binnen het ras en het treffen van maatregelen ter uitvoering van die plannen;

d.       het registreren van uitslagen van onderzoeken, in de ruimste zin van dit woord, van tot het ras behorende honden betreffende de aanwezigheid van erfelijk bepaalde eigenschappen alsmede van de mogelijkheid van het doorgeven van de aanleg daarvoor aan nakomelingen, een en ander met het doel, ten behoeve van een verantwoorde fokkerij, gegevens uit deze registratie aan derden te verstrekken en te publiceren;

e.      het uitgeven van een clubblad of een periodiek;

f.      het bijhouden van een register van raszuivere Epagneuls de Saint-Usuge;

g.     Het bijhouden van publicaties in binnen- en buitenland en het verspreiden van relevante informatie over de instandhouding en verbetering van het ras;

h.    al hetgeen verder aan het doel dienstbaar kan zijn, een en ander voor zover daarbij niet wordt gehandeld in strijd met de statuten, reglementen en wettig genomen besluiten van de Raad van Beheer;

Zodra het ras internationaal erkend word of  een voorlopige registratie krijgt van de Raad van Beheer:

g.      het deelnemen aan het overleg binnen de georganiseerde kynologie en het georganiseerde jachtbedrijf;

h.      het organiseren van veldwedstrijden en jachthondenproeven.


Artikel 3 Aanvaarding rechtsmacht Raad van Beheer. 

De vereniging aanvaardt de rechtsmacht van de Raad van Beheer op kynologisch gebied in  Nederland en de werking van de door of namens de Raad van Beheer vastgestelde reglementen. Dit artikel treed in werking op het  moment dat de Epagneul de Saint-Usuge een erkend ras wordt of een voorlopige registratie krijgt van de Raad van Beheer.


Artikel 4. Verenigingsjaar

Het verenigingsjaar valt samen met het kalenderjaar.


Artikel 5. Leden, Ereleden en Donateurs

De leden van de vereniging worden onderscheiden in gewone leden,  ereleden en donateurs.

Gewone leden zijn de natuurlijke personen die de leeftijd van achttien jaar hebben bereikt en als zodanig zijn toegelaten.

Ereleden zijn de natuurlijke personen die zich voor de vereniging buitengewoon verdienstelijk hebben gemaakt en om die reden als zodanig zijn benoemd.

Onverkort het gestelde in artikel 6, eerste lid en artikel 26, eerste lid, hebben gewone leden en ereleden alle rechten en plichten die de wet en deze statuten aan leden toekennen onderscheidenlijk opleggen.

Donateurs zijn natuurlijke of rechtspersonen die de vereniging steunen met een jaarlijkse bijdrage of gift ineens en als zodanig zijn toegelaten. Zij hebben geen stemrecht en kunnen niet tot bestuurslid of erelid worden benoemd. Zij hebben het recht om de vergaderingen bij te wonen. Zij kunnen het bestuur desgevraagd van advies dienen.


Artikel 6. Ereleden

1.     Ereleden worden door de Algemene Vergadering op voorstel van het Bestuur of op schriftelijk voorstel van ten minste tien stemgerechtigde leden benoemd met  een meerderheid van ten minste twee/derde van de uitgebrachte stemmen. Zij betalen geen contributie.

2.     Indien een gewoon lid tot erelid wordt benoemd, houdt hij met ingang van de dag volgende op de aanvaarding van zijn benoeming op gewoon lid te zijn.


Artikel 7. Toelating van leden

1.     Het Bestuur beslist over de toelating van leden nadat zij zich als zodanig schriftelijk hebben aangemeld.

2.     Zij aan wie door de Raad van Discipline voor de Kynologie c.q. na 1 januari 2000 het Tuchtcollege voor de Kynologie bij onherroepelijke uitspraak een straf is opgelegd kunnen als lid worden geweigerd.

3.     Het Bestuur kan het besluit omtrent de toelating ten hoogste twee maanden aanhouden.

4.     Indien de toelating door het bestuur wordt geweigerd, staat daartegen binnen een maand na ontvangst van het bericht van weigering beroep op de Algemene Vergadering open.


Artikel 8. Aanvang van het lidmaatschap

1.     Het lidmaatschap van gewone leden vangt aan op de dag volgende op hun toelating.

2.     Het lidmaatschap van ereleden vangt aan op de dag volgende op de aanvaarding van hun benoeming.


Artikel 9. Einde van het lidmaatschap

Het lidmaatschap eindigt:

          a.  door de dood van het lid;

          b.  door opzegging door het lid;

          c.  door opzegging door de vereniging;

          d.  door ontzetting.


Artikel 10. Opzegging door het lid

1.     Opzegging door het lid geschiedt schriftelijk aan het Bestuur.

2.     Het lidmaatschap eindigt, onverminderd het bepaalde in artikel 26, lid 3, met ingang van de dag die daarvoor bij de opzegging wordt vermeld, doch op zijn vroegst met ingang van de dag volgende op die, waarop de schriftelijke opzegging wordt ontvangen. Indien bij de opzegging geen tijdstip wordt vermeld, eindigt het lidmaatschap aan het einde van het verenigingsjaar waarin de opzegging plaatsvindt.

3.     Indien het lidmaatschap niet is opgezegd voor 1 december van enig jaar is de contributie voor het volgend jaar te voldoen.


Artikel 11. Opzegging door de vereniging

1.     Opzegging door de vereniging is slechts mogelijk indien:

a.     het lid zijn verplichtingen tegenover de vereniging niet nakomt;

b.     aan het lid door het Tuchtcollege voor de Kynologie bij onherroepelijke uitspraak een straf is opgelegd;

c.     om een andere reden van de vereniging redelijkerwijs niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren.

2.     De opzegging geschiedt door het Bestuur.

3.     In het geval, bedoeld in het eerste lid onder a, wordt niet tot opzegging overgegaan dan nadat het lid schriftelijk op zijn verzuim is gewezen en hij gedurende een maand in de gelegenheid is gesteld om alsnog aan zijn verplichtingen te voldoen.

4.     Het lid wordt zo spoedig mogelijk schriftelijk en met opgave van redenen van het besluit tot opzegging in kennis gesteld. Daarbij wordt mededeling gedaan van de op grond van het vijfde lid bestaande beroepsmogelijkheid.

5.     Tegen het besluit tot opzegging staat binnen een maand na ontvangst van de in het vorige lid bedoelde mededeling beroep op de Algemene Vergadering open. Gedurende de beroepstermijn en hangende het beroep is het lid geschorst in de uitoefening van alle aan het lidmaatschap verbonden rechten en in de uitoefening van een eventueel door het lid beklede bestuursfunctie. Het geschorste lid heeft echter wel toegang tot de  algemene ledenvergadering waarin het beroep wordt behandeld, is bevoegd om bij de behandeling van het beroep aanwezig te zijn en daarover het woord te voeren, doch heeft geen stemrecht.

6.     Het lidmaatschap eindigt, onverminderd het bepaalde in artikel 26, lid 3, met ingang van de dag volgende op het verstrijken van de beroepstermijn of, indien beroep wordt ingesteld, onmiddellijk na het besluit tot verwerping van het beroep indien het lid aanwezig is in de vergadering waarin dit besluit wordt genomen en anders met ingang van de dag volgende op die, waarop een schriftelijke mededeling van het besluit tot verwerping van het beroep is ontvangen.

7.     Een schorsing, als bedoeld in het vijfde lid, eindigt tegelijk met het lidmaatschap of, indien de Algemene Vergadering het beroep gegrond verklaart, tegelijk met het besluit van de Algemene Vergadering.


Artikel 12. Ontzetting

1.     Ontzetting is slechts mogelijk indien:

a.      het lid handelt in strijd met de statuten, reglementen of besluiten van de vereniging;

b.      het lid de vereniging op onredelijke wijze benadeelt.

De ontzetting geschiedt door het Bestuur.

Artikel 11, vierde tot en met zevende lid, is van overeenkomstige toepassing.


Artikel 13. Organen

De vereniging kent:

          a.  een Bestuur;

          b.  een Algemene Vergadering;

          c.  een Kascommissie.


Artikel 14. Samenstelling Bestuur

Het bestuur bestaat uit een oneven aantal van tenminste drie leden en de algemene vergadering bepaalt het aantal bestuursleden.

De bestuursleden worden door de Algemene Vergadering uit de leden benoemd.

De voorzitter wordt door de Algemene Vergadering als zodanig benoemd de overige functies worden door het Bestuur onderling verdeeld.

Degene aan wie door de Raad van Discipline voor de Kynologie c.q. na 1 januari 2000 het Tuchtcollege voor de Kynologie de straf van diskwalificatie van zijn persoon is opgelegd, is gedurende de duur van deze diskwalificatie niet tot lid van het Bestuur benoembaar.


Artikel 15. Voordrachten

1.     De benoeming van bestuursleden geschiedt uit een of meer niet bindende voordrachten, behoudens het bepaalde in het zesde lid.

2.     Iedere voordracht heeft op één bepaalde vacature betrekking en vermeldt de naam van degene, door wiens aftreden de vacature wordt veroorzaakt. Iedere voordracht vermeldt voorts de naam van ten minste één kandidaat.

3.     Tot het opmaken van een voordracht zijn zowel het Bestuur als tien leden bevoegd.

4.     Een voordracht van het Bestuur wordt bij de oproeping voor de vergadering meegedeeld. Een voordracht van tien of meer stemgerechtigde leden moet schriftelijk bij het Bestuur worden ingediend en moet het Bestuur ten minste één week voor de vergadering hebben bereikt.

5.     Is er voor een bepaalde vacature meer dan één voordracht, dan geschiedt de benoeming uit die voordrachten.

6.     Is er voor een bepaalde vacature geen voordracht opgemaakt, dan is de Algemene Vergadering voor de vervulling van die vacature vrij in haar keus.


Artikel 16. Einde van het bestuurslidmaatschap

1.     Het bestuurslidmaatschap eindigt:

a.      door het eindigen van het lidmaatschap van de vereniging;

b.      door periodieke aftreding;

c.      door bedanken;

d.      door ontslag;

e.      door oplegging van de straf van diskwalificatie van zijn persoon door het Tuchtcollege voor de Kynologie.

2.     In het geval, bedoeld in het eerste lid onder a, eindigt het bestuurslidmaatschap op het moment dat het lidmaatschap van de vereniging eindigt. In het geval, bedoeld in het eerste lid onder b, aan het einde van de in artikel 17, eerste lid, bedoelde algemene ledenvergadering. In het geval, bedoeld in het eerste lid onder c, op het door het bedankende bestuurslid genoemde tijdstip. In het geval, bedoeld in het eerste lid onder d, op het tijdstip dat het ontslag ingaat. In het geval, bedoeld in het eerste lid onder e, op het tijdstip dat de straf onherroepelijk wordt.


Artikel 17. Periodieke aftreding

1.             Ieder jaar treedt op de jaarlijkse algemene ledenvergadering tenminste één bestuurslid af volgens een door het Bestuur op te maken en zo nodig te wijzigen rooster.

2.             Dit rooster wordt zodanig opgemaakt, dat:

a.  ieder bestuurslid uiterlijk drie jaar na zijn benoeming aftreedt, waarbij onder een jaar wordt verstaan de periode tussen twee opeenvolgende jaarlijkse algemene ledenvergaderingen;

b.      de voorzitter, de secretaris en de penningmeester zo mogelijk in verschillende jaren, maar in ieder geval nimmer alle drie gelijktijdig aftreden;

c.      zij die in een tussentijdse vacature zijn benoemd, zo mogelijk op het rooster de plaats van hun voorganger innemen.

Volgens rooster aftredende bestuursleden kunnen terstond worden herbenoemd.


Artikel 18. Schorsing en ontslag van bestuursleden

1.     Elk bestuurslid kan te allen tijde, als zodanig, door de Algemene Vergadering worden ontslagen of geschorst.

2.     Een schorsing die niet binnen drie maanden wordt gevolgd door een besluit tot ontslag, eindigt door het verloop van die termijn.


Artikel 19. Vacatures

1.     Indien in het Bestuur één of meer vacatures zijn ontstaan, blijft het Bestuur bevoegd.

2.     Het Bestuur is verplicht, de vervulling van de open plaats of de open plaatsen voor de eerstvolgende algemene ledenvergadering te agenderen. Zodra echter het aantal zitting hebbende bestuursleden minder bedraagt dan het aantal vacatures, is het Bestuur verplicht zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk binnen zes maanden, een algemene ledenvergadering ter voorziening in die vacatures te beleggen.


Artikel 20. Bestuursfuncties

1.     Het Bestuur wijst uit zijn midden een secretaris en een penningmeester aan, voorziet in de vervanging van de voorzitter, de secretaris en de penningmeester in geval van verhindering of ontstentenis en verdeelt ook overigens de werkzaamheden over zijn leden.

2.     De functies van voorzitter, secretaris en penningmeester zijn onverenigbaar.

3.     Op vervanging in geval van verhindering of ontstentenis is het bepaalde in het tweede lid niet van toepassing.


Artikel 21. Bestuurstaak en -bevoegdheden; verantwoordelijkheid van bestuurders

1.     Behoudens de beperkingen van de statuten is het Bestuur belast met het besturen van de vereniging. Het richt zich daarbij naar de aanwijzingen betreffende de algemene lijnen van het te volgen beleid, zoals die door de Algemene Vergadering worden gegeven.

2.     Het Bestuur is, mits met voorafgaande goedkeuring van de Algemene Vergadering, bevoegd tot het sluiten van overeenkomsten tot verkrijging, vervreemding en bezwaren van registergoederen.

3.     Ieder lid van het Bestuur is tegenover de vereniging gehouden tot een behoorlijke vervulling van de hem opgedragen taak. Indien het een aangelegenheid betreft die tot de werkkring van twee of meer bestuurders behoort, is ieder van hen voor het geheel aansprakelijk ter zake van een tekortkoming, tenzij deze niet aan hem is te wijten en hij niet nalatig is geweest in het treffen van maatregelen om de gevolgen daarvan af te wenden.


Artikel 22. Besluitvorming Bestuur

1.     Alle besluiten worden door het Bestuur genomen met volstrekte meerderheid van de uitgebrachte stemmen. Bij staking van stemmen geeft de stem van de voorzitter de doorslag, tenzij het Bestuur besluit de zaak tot de volgende vergadering aan te houden.

2.     Om te kunnen besluiten moet ten minste de helft van het aantal bestuursleden, eventuele vacatures niet meegerekend, aanwezig zijn, tenzij het zaken betreft die geen uitstel gedogen.


 Artikel 23. Mandatering en delegatie van bestuurstaken en -bevoegdheden

1.     Het Bestuur kan de uitvoering onderscheidenlijk uitoefening van bepaalde taken en bevoegdheden mandateren aan één of meer van zijn leden. Het Bestuur kan daarbij met betrekking tot deze uitvoering en uitoefening richtlijnen en aanwijzingen geven.

2.     Het Bestuur kan de uitvoering onderscheidenlijk uitoefening van bepaalde taken en bevoegdheden delegeren aan een door het Bestuur ingestelde commissie. Het Bestuur kan daarbij met betrekking tot deze uitvoering en uitoefening richtlijnen geven.

3.     De richtlijnen en aanwijzingen mogen niet in strijd zijn met de wet, met deze statuten of met een reglement als bedoeld in artikel 39.

4.     Bij mandatering aan één of meer bestuursleden wordt steeds in de eerstvolgende bestuursvergadering door de gemandateerde(n) verslag uitgebracht van hetgeen is verricht.


Artikel 24. Vertegenwoordiging

1.     De bevoegdheid om de vereniging in en buiten rechte te vertegenwoordigen, komt toe aan:

a.     het Bestuur;

b.     de voorzitter en de secretaris, gezamenlijk handelend;

c.     de voorzitter en de penningmeester, gezamenlijk handelend;

d.     de secretaris en de penningmeester, gezamenlijk handelend.

2.     Bij verhindering of ontstentenis van een in het eerste lid genoemde functionaris kan deze ten behoeve van de daar bedoelde vertegenwoordiging niet vervangen worden door een op grond van artikel 20 aangewezen vervanger.


Artikel 25. Geldmiddelen

De inkomsten van de vereniging bestaan uit:

a.     contributies;

b.     cursusgelden;

c.     inschrijf- en entreegelden voor evenementen;

d.     schenkingen, legaten en erfstellingen;

e.     overige baten.

2.     Om te kunnen besluiten moet ten minste de helft van het aantal bestuursleden, eventuele vacatures niet meegerekend, aanwezig zijn, tenzij het zaken betreft die geen uitstel gedogen.

 

Artikel 26. Contributie

1.     De leden, met uitzondering van de ereleden, zijn aan de vereniging een jaarlijkse contributie verschuldigd, waarvan het bedrag door de Algemene Vergadering wordt vastgesteld.

2.     Eenmaal vastgestelde bedragen blijven van kracht totdat zij door de Algemene Vergadering worden gewijzigd. Een wijziging werkt ten hoogste terug tot de aanvang van het verenigingsjaar waarin zij wordt vastgesteld.

3.     Wanneer het lidmaatschap van een lid in de loop van het verenigingsjaar eindigt, blijft desondanks de contributie over het gehele jaar verschuldigd.

4.     Het Bestuur kan in bijzondere gevallen, al dan niet voor een bepaalde termijn, gehele of gedeeltelijke vrijstelling van het betalen van contributie verlenen.


Artikel 27. Begroting

1.     Het Bestuur legt jaarlijks aan de Algemene Vergadering een begroting van inkomsten en uitgaven ter vaststelling voor, op een zodanig tijdstip, dat deze begroting behandeld kan worden vóór de aanvang van het betreffende verenigingsjaar of uiterlijk op de in dat jaar te houden jaarlijkse algemene ledenvergadering.

2.     De begroting wordt aan de leden ten minste drie weken vóór de jaarlijkse algemene ledenvergadering toegezonden.


Artikel 28. Jaarverslag

1.    Het Bestuur brengt jaarlijks aan de Algemene Vergadering een schriftelijk jaarverslag uit over degang van zaken in de vereniging en over het gevoerde beleid in het afgelopen verenigingsjaar. Dit verslag wordt uitgebracht op een zodanig tijdstip, dat het behandeld kan worden op de eerste jaarlijkse algemene ledenvergadering na afloop van dat verenigingsjaar.

2.     Het jaarverslag wordt door alle leden van het Bestuur ondertekend. Ontbreekt de ondertekening van een of meer hunner, dan wordt daarvan onder opgave van redenen melding gemaakt.

3.    Het jaarverslag wordt aan de leden ten minste drie weken vóór de jaarlijkse algemene ledenvergadering toegezonden.


Artikel 29. Boekhouding

1.     Het Bestuur houdt van de vermogenstoestand van de vereniging zodanige aantekeningen, dat daaruit te allen tijde haar rechten en verplichtingen kunnen worden gekend.

2.     Het Bestuur bewaart de in het eerste lid bedoelde bescheiden gedurende tien jaren.


 Artikel 30. Financieel Jaarverslag

1.     Het Bestuur maakt jaarlijks een financieel jaarverslag van de vereniging, ten minste bestaande uit een balans en een staat van de baten en de lasten, over het afgelopen verenigingsjaar op en legt dit met een toelichting ter goedkeuring aan de Algemene Vergadering over op een zodanig tijdstip, dat dit behandeld kan worden op de eerste jaarlijkse algemene ledenvergadering na afloop van dat verenigingsjaar.

2.     Het financieel jaarverslag wordt door alle leden van het Bestuur ondertekend. Ontbreekt de ondertekening van een of meer hunner, dan wordt daarvan onder opgave van redenen melding gemaakt.

3.     Het financieel jaarverslag wordt aan de leden ten minste drie weken vóór de jaarlijkse algemene ledenvergadering toegezonden.

4.     Goedkeuring van het financieel verslag door de Algemene Vergadering strekt het Bestuur tot décharge voor al hetgeen daaruit blijkt.

5.     Het Bestuur bewaart het financieel jaarverslag gedurende tien jaren.


Artikel 31. Kascommissie

1.     De Algemene Vergadering benoemt uit de leden een Kascommissie bestaande uit twee leden. De leden van de Kascommissie mogen geen deel van het Bestuur uitmaken. Elk jaar treedt één lid af, volgens een door het Bestuur te maken rooster. Aftredende leden kunnen terstond worden herbenoemd, tenzij zij reeds vijf jaar zitting hebben.

2.     De Kascommissie onderzoekt de balans en de staat van baten en lasten en brengt aan de Algemene Vergadering schriftelijk verslag uit van haar bevindingen en adviezen.

3.     Het Bestuur stelt de Kascommissie in staat, het onderzoek tijdig voor de jaarlijkse algemene ledenvergadering te verrichten en is verplicht de commissie ten behoeve van haar onderzoek alle door haar gevraagde inlichtingen te verschaffen, haar desgewenst de kas en de waarden te tonen en inzage van de boeken en bescheiden van de vereniging te geven.

4.     Indien het onderzoek bijzondere boekhoudkundige kennis vereist, dan kan de Kascommissie zich op kosten van de vereniging door een deskundige doen bijstaan.

5.     De leden van de Kascommissie kunnen te allen tijde door de Algemene Vergadering worden ontslagen, maar slechts tegelijk met de benoeming van andere leden.


 Artikel 32. De Algemene Vergadering

1.     Aan de Algemene Vergadering komen in de vereniging alle bevoegdheden toe, die niet door de wet of de statuten aan andere organen zijn opgedragen.

2.     Jaarlijks wordt binnen zes maanden na afloop van het verenigingsjaar, behoudens verlenging van deze termijn door de Algemene Vergadering een jaarlijkse algemene ledenvergadering gehouden. In deze jaarlijkse algemene ledenvergadering komen in ieder geval aan de orde:

a.     de begroting, bedoeld in artikel 27;

b.     het jaarverslag, bedoeld in artikel 28;

c.     het financieel jaarverslag, bedoeld in artikel 30;

d.     het verslag van de Kascommissie, bedoeld in artikel 31;

e.     de voorziening in vacatures in de Kascommissie;

f.     de voorziening in bestuursvacatures.

3.     Andere algemene ledenvergaderingen worden gehouden zo dikwijls het Bestuur dat wenselijk vindt of ten minste tien stemgerechtigde leden dan wel, indien dat minder is, ten minste een tiende deel der stemgerechtigde leden dat verzoeken. Bij het verzoek worden de te behandelen onderwerpen, die op de agenda moeten worden vermeld, duidelijk aangegeven.

4.     Schriftelijke voorstellen aan de Algemene Vergadering van ten minste zoveel stemgerechtigde leden als in het vorige lid worden bedoeld, worden op de agenda van de eerstvolgende algemene ledenvergadering vermeld indien zij ten minste zes weken vóór die algemene ledenvergadering bij het Bestuur zijn ingediend. Zij worden met een preadvies van het Bestuur ten minste drie weken vóór de algemene ledenvergadering aan de leden toegezonden.


Artikel 33. Bijeenroeping

1.     De Algemene Vergadering wordt bijeengeroepen door het Bestuur.

2.     De leden worden, behoudens in het geval bedoeld in het vierde lid, ten minste drie weken tevoren opgeroepen door toezending van een agenda.

3.     De agenda vermeldt plaats, datum en aanvangstijdstip van de vergadering, alsmede de te behandelen agendapunten.

4.     Indien ingevolge artikel 32, derde lid, op verzoek van een aantal leden een algemene ledenvergadering moet worden gehouden, is het Bestuur verplicht die vergadering uit te schrijven binnen twee weken na ontvangst van het verzoek en op een termijn van niet langer dan zes weken na indiening van het verzoek. Indien hieraan geen gevolg wordt gegeven kunnen de verzoekers zelf tot bijeenroeping van de Algemene Vergadering overgaan, hetzij overeenkomstig het tweede lid van dit artikel, hetzij door middel van een advertentie in ten minste één veel gelezen landelijk dagblad.


Artikel 34. Toegang en stemrecht

1.     Alle leden, met uitzondering van geschorste leden, behoudens het bepaalde in artikel 11, vijfde lid en artikel 12, derde lid, hebben toegang tot de algemene ledenvergadering en hebben stemrecht. Geschorste leden hebben echter geen stemrecht.

2.     Over toelating van andere dan de in het eerste lid bedoelde personen beslist het Bestuur.

3.     Een lid kan niet iemand anders machtigen, het stemrecht namens hem uit te oefenen.

4.     Ieder stemgerechtigd lid kan ter vergadering het woord voeren, voorstellen doen en amendementen indienen, behoudens de beperkingen die bij huishoudelijk reglement aan de uitoefening van deze rechten worden gesteld.


Artikel 35. Voorzitterschap en notulering

1.     De algemene ledenvergaderingen worden geleid door de voorzitter of zijn plaatsvervanger. Is de voorzitter afwezig en heeft het Bestuur niet in zijn vervanging voorzien, dan voorziet de vergadering zelf in het voorzitterschap.

2.     Van het verhandelde in een algemene ledenvergadering worden door of namens de secretaris of zijn plaatsvervanger notulen opgemaakt. Is de secretaris afwezig en heeft het Bestuur niet in zijn vervanging voorzien, dan wijst de voorzitter een notulist aan.

3.     Bij toepassing van artikel 33, vierde lid laatste volzin, kunnen de verzoekers anderen dan bestuursleden belasten met de leiding der vergadering en het opstellen der notulen.

4.     De ontwerpnotulen worden ter kennis van de leden gebracht. Zij worden in de eerstvolgende algemene ledenvergadering, eventueel gewijzigd, vastgesteld en door de voorzitter en de secretaris ondertekend. De eventueel door de Algemene Vergadering aangebrachte wijzigingen worden tevens opgenomen in de notulen van de vergadering waarin tot deze wijzigingen werd besloten.


Artikel 36. Besluitvorming

1.     Voor zover de wet of de statuten niet anders bepalen, worden alle besluiten van de Algemene Vergadering genomen met volstrekte meerderheid van de uitgebrachte stemmen.

2.     Blanco en ongeldige stemmen worden geacht niet te zijn uitgebracht, maar tellen wel mee voor het quorum.

3.     Alle stemmingen over de aanwijzing of benoeming van personen geschieden schriftelijk. Alle overige stemmingen geschieden mondeling, tenzij de voorzitter een schriftelijke stemming gewenst acht of ten minste vijf stemgerechtigde leden dat vóór de stemming verlangen. Een schriftelijke stemming geschiedt met ongetekende briefjes.

4.     Indien niemand stemming verlangt wordt het besluit bij acclamatie genomen.

5.     Indien mondelinge stemming moet plaatsvinden, dan kan de voorzitter besluiten tot stemming bij handopsteken, tenzij één der stemgerechtigde leden stemming bij hoofdelijke oproeping verlangt. Ook kan de voorzitter alsnog tot stemming bij hoofdelijke oproeping besluiten, indien hij bij de stemming bij handopsteken de uitslag der stemming niet kan vaststellen.

6.     Indien schriftelijke stemmingen over verschillende aanwijzingen, benoemingen of zaken moeten plaatsvinden, dan kunnen deze stemmingen gecombineerd worden mits de stembriefjes zodanig zijn ingericht, dat verwarring redelijkerwijs niet mogelijk is. Evenwel moeten afzonderlijke stemmingen worden gehouden indien ten minste vijf stemgerechtigde leden dat verlangen.

7.     Indien de stemmen staken over een voorstel niet rakende de benoeming of aanwijzing van personen, dan is het voorstel verworpen.


Artikel 37. Stemmingen over personen

1.     Indien bij een aanwijzing of benoeming van een persoon niemand de volstrekte meerderheid heeft gekregen, dan heeft een tweede stemming plaats, tenzij tussen twee personen is gestemd. Indien in dit laatste geval de stemmen niet staken, is diegene aangewezen of benoemd op wie het grootste aantal stemmen is uitgebracht.

2.     Heeft ook na de tweede stemming niemand de volstrekte meerderheid verkregen, dan vinden herstemmingen plaats totdat hetzij één persoon de volstrekte meerderheid heeft verkregen, hetzij tussen twee personen is gestemd en de stemmen staken.

3.     Bij de in het tweede lid bedoelde herstemmingen wordt telkens gestemd tussen de personen, op wie bij het voorafgaand stemmen kon worden gestemd, met uitzondering van de persoon op wie bij dat voorafgaand stemmen de minste stemmen zijn uitgebracht. Zijn bij die stemming de minste stemmen op meer dan één persoon uitgebracht, dan wordt door loting uitgemaakt op wie van die personen bij de volgende stemming geen stemmen meer kunnen worden uitgebracht.

4.     Indien bij een stemming tussen twee personen de stemmen staken, dan beslist het lot wie van beiden is aangewezen of benoemd.


Artikel 38. Vaststelling besluitvorming

1.     Het in de algemene ledenvergadering uitgesproken oordeel van de voorzitter over de uitslag van een stemming is beslissend. Hetzelfde geldt voor de inhoud van een genomen besluit, voor zover werd gestemd over een niet schriftelijk vastgelegd voorstel.

2.     Wordt echter onmiddellijk na het uitspreken van het in het eerste lid bedoelde oordeel van de voorzitter de juistheid daarvan betwist, dan vindt een nieuwe stemming plaats, indien de meerderheid der vergadering of, indien de oorspronkelijke stemming niet hoofdelijk of schriftelijk geschiedde, een stemgerechtigd lid dit verlangt. Door deze nieuwe stemming vervallen de rechtsgevolgen van de oorspronkelijke stemming.


Artikel 39. Reglementen

1.     De Algemene Vergadering kan een huishoudelijk reglement en andere reglementen vaststellen, waarvan de bepalingen niet in strijd mogen zijn met de wet of met deze statuten.

2.    Indien de reglementen van de Raad van Beheer verlangen dat een huishoudelijk reglement of een ander reglement aan de goedkeuring van de Raad van Beheer wordt onderworpen, dan treedt dat reglement niet in werking alvorens die goedkeuring is verkregen. Hetzelfde geldt voor wijziging van dat reglement.

3.     De Algemene Vergadering kan een reglement te allen tijde wijzigen, mits aan de in statuten en huishoudelijk reglement gestelde eisen voor de besluitvorming en de voorbereiding daarvan is voldaan. De Algemene Vergadering kan echter geen besluiten nemen in strijd met een reglement

.

Artikel 40. Aansprakelijkheid

De vereniging is tegenover haar leden niet aansprakelijk voor enige schade, ontstaan tijdens vanwege de vereniging georganiseerde bijeenkomsten, cursussen of evenementen, van welke aard ook, en evenmin voor enige schade ten gevolge van door de vereniging verleende adviezen of door welke andere oorzaak dan ook.


Artikel 41. Statutenwijziging

1.     Deze statuten kunnen, onverminderd het bepaalde in de volgende leden, slechts worden gewijzigd bij een met ten minste twee/derde van de uitgebrachte stemmen genomen besluit van de Algemene Vergadering, tijdens een algemene ledenvergadering waarin ten minste twee/derde van de stemgerechtigde leden aanwezig is. Indien niet twee/derde van de stemgerechtigde leden aanwezig is, dan wordt binnen zes weken, doch niet vóór het verstrijken van twee weken, een tweede algemene ledenvergadering gehouden over het voorstel zoals dat in de vorige vergadering aan de orde is geweest. In die vergadering kan ongeacht het aantal aanwezige stemgerechtigde leden worden besloten, mits met een meerderheid van ten minste twee/derde van de uitgebrachte stemmen.

2.     Een afschrift van het voorstel tot statutenwijziging, waarin de voorgestelde wijziging woordelijk is opgenomen, wordt ten minste vijf dagen voor de vergadering door hen die de oproeping tot de vergadering hebben gedaan, op het kantoor van de vereniging voor de leden ter inzage gelegd tot na afloop van de dag waarop de vergadering wordt gehouden. De leden worden van deze ter inzage legging op de hoogte gesteld.

3.     Het voorstel tot statutenwijziging, waarin de voorgestelde wijziging woordelijk is opgenomen, wordt tegelijk met de in artikel 33 bedoelde agenda aan alle leden toegezonden.

4.     Een wijziging van de statuten treedt niet in werking dan nadat deze door de Raad van Beheer is goedgekeurd en van de wijziging een notariële akte is opgemaakt.


Artikel 42. Ontbinding

1.     De vereniging kan slechts worden omgezet, gefuseerd of ontbonden door een met ten minste twee/derde van de uitgebrachte stemmen genomen besluit van de Algemene Vergadering, tijdens een algemene ledenvergadering waarin ten minste twee/derde van de stemgerechtigde leden aanwezig is. Indien niet twee/derde van de stemgerechtigde leden aanwezig is, dan wordt binnen zes weken, doch niet vóór het verstrijken van twee weken, een tweede algemene ledenvergadering gehouden over het voorstel zoals dat in de vorige vergadering aan de orde is geweest. In die vergadering kan ongeacht het aantal aanwezige stemgerechtigde leden worden besloten, mits met een meerderheid van ten minste twee/derde van de uitgebrachte stemmen.

2.     Artikel 41, tweede en derde lid, is van overeenkomstige toepassing.

3.     Tegelijk met een besluit tot ontbinding wijst de Algemene Vergadering een andere rechtspersoon aan, waaraan een eventueel batig saldo na vereffening zal toevallen. Ook kan de Algemene Vergadering een of meer anderen dan het Bestuur met de vereffening belasten.


Artikel 43. Onvoorziene gevallen

In gevallen waarin de wet, de statuten en de reglementen niet voorzien, beslist het bestuur. Over zijn beslissing legt het bestuur verantwoording aan de Algemene Vergadering af.


Artikel 44. Communicatie

1.De vereniging maakt voor communicatie met haar leden zoveel mogelijk gebruik van e-mail.

2.Waar in de voorgaande artikelen gesproken word van ‘toezending’, dient dit gelezen te worden als ‘toezending via e-mail’.

3.Een lid kan verzoeken  de toezending via conventionele post te laten plaatsvinden.

4.Een dergelijk voornoemd verzoek dient schriftelijk gedaan te worden bij de Secretaris.

5.Het Bestuurbesluit binnen twee weken na ontvangst van voornoemd verzoek en instrueert daaropvolgend de Secretaris.

6.De secretaris verwerkt het besluit en verzorgt de schriftelijke bevestiging van het besluit aan verzoekend lid.

7.Voornoemd verzoek en besluit gelden als verantwoordelijkheid van het verzoekend lid. Het is aan verzoekend lid tussentijdse communicatie vanuit de vereniging – met het besuur inbegrepen – actief te bevragen bij het bestuur.

8.Voor de toezending per post kan de Algemene Vergadering besluiten een toeslag op de contributie toe te passen.



Home

©  2015 - NEDERLANDSE VERENIGING EPAGNEUL DE SAINT USUGE